|
De bestuurder
van een pleziervaartuig moet over voldoende stuurvaardigheden beschikken.
Om een plezierboot met een motor van minder dan 10 pk (7.355 watt) te
besturen, moet de bestuurder minstens 16 jaar zijn. Heeft de plezierboot
een krachtiger motor, dan moet de bestuurder minimaal 18 jaar zijn. De
leeftijdsgrens wordt verlaagd tot 16 jaar, indien de bestuurder vergezeld
is door iemand van 18 jaar. Als de bestuurder van een motorplezierboot één of meer waterskiërs trekt,
moet deze vergezeld zijn van een medeopvarende van tenminste 15 jaar.
Sinds 1 juni 1995 is het Stuurbrevet verplicht voor het varen met pleziervaartuigen
die
* langer zijn
dan 15 meter of
* sneller kunnen varen dan 20 km per uur.
Om de lengte te bepalen gaat men uit van het constructieve
deel van het vaartuig. Het roer, de boegspriet, preekstoel en andere uitsteeksels
worden niet meegerekend.
Wie dus vaart
met een pleziervaartuig dat niet in één van deze categorieën
valt, heeft geen Stuurbrevet nodig.
Soorten Stuurbrevetten
Er bestaan twee soorten stuurbrevetten:
- met het Beperkt Stuurbrevet mag overal in België worden gevaren,
met uitzondering van de Beneden-Zeeschelde;
- met het Algemeen Stuurbrevet mag op alle Belgische binnenwateren,
zonder uitzondering, worden gevaren.
De Beneden-Zeeschelde loopt van de Nederlandse grens tot aan de Petroleum
steiger te Hoboken.
De Belgische en Nederlandse brevetten worden gelijkwaardig beschouwd.
Beperkt Stuurbrevet = Klein Vaarbewijs I
Algemeen Stuurbrevet = Klein Vaarbewijs II
top
Vereisten
om een Stuurbrevet te bekomen
Er zijn vier vereisten:
- de minimum leeftijd bij de aanvraag is 17 jaar. Het brevet
krijgt men pas op 18 jaar;
medisch geschikt zijn: u ondergaat een geneeskundig onderzoek
bij een geneesheer naar keuze, die het gehoor, het gezichtsvermogen
en de algemene lichamelijke conditie onderzoekt;
- in een theoretisch examen slagen: dit test de kennis over verkeersreglementen
op het water, manoeuvreren, veiligheidsvoorschriften en navigatie. Een
cursus volgen
is niet verplicht, maar verhoogt aanzienlijk de slaagkans;
- praktijkervaring hebben: deze drukt u uit in vaaruren aan boord
van een pleziervaartuig dat behoort tot de categorie waarvoor een Stuurbrevet
verplicht is. De vaartijd mag op alle scheepvaartwegen van de Europese
Unie zijn volbracht. Opgedane ervaring in een periode tot twee jaar
voor de aanvraag van het Stuurbrevet komt in aanmerking. De praktische
ervaring kan op twee manieren worden aangetoond:
- uw vaartijd aan boord wordt opgetekend in een dienstboekje (data,
effectief gevaren uren, afgelegde trajecten enz.). Als u met iemand
meevaart die een Stuurbrevet heeft, moet dit minstens 12 vaaruren
bedragen.
- als u een praktische cursus
volgt bij een vaarschool, volstaan zes uur ervaring.
Er is geen praktijkexamen.
top
Hoe
een aanvraag doen?
Dit alles dient
uiterlijk 10 dagen voor aanvang van het examen bij het NIP toe te komen.
Ongeveer 10 dagen
voor het examen ontvangt u van het NIP een oproepingsbrief voor het examen
met vermelding van de definitieve examenplaats, een uitreksel van het
examenreglement en een voorbeeld van een dienstboekje.
Het Nautisch Instituut voor de Pleziervaart is door
de minister van Verkeer en Infrastructuur erkend onder het nummer
EBP/05 als examencommissie voor de organisatie van de theoretische
examens.
top
Wanneer
ontvang ik het brevet?
Ongeveer 4 weken na het examen brengt het NIP u op de hoogte van uw uitslag.
Vanaf de dinsdag volgend op het examen, worden de vragen en antwoorden
gepubliceerd op de website www.mobilit.fgov.be.
U ontvangt het
brevet als:
- u geslaagd bent in het theoretisch examen
- u het volledig ingevuld dienstboekje gestuurd heeft naar het NIP.
Examen data en plaatsen
De examens hebben driemaal per jaar plaats:
17 november 2007, 8 maart, 17 mei, 22 november 2008.
inschrijvingen
mogelijk tot de zaterdag, één week voor het examen
Het examen is
steeds op een zaterdag, van 10 tot 12 uur.
De examenplaatsen zijn: Berchem, Gent, Hasselt, Kortrijk, Zemst.
Gelijkwaardige brevetten
Een evaluatiecommissie heeft een aantal binnenlandse en buitenlandse brevetten
als gelijkwaardig erkend.
top
Examenstof
- Gemeenschappelijke stof voor Beperkt en Algemeen Stuurbrevet
- Reglementen en regels:
- Algemeen Reglement der Scheepvaartwegen van het Koninkrijk:
voor het examen kan men zich beperken tot dat wat betrekking
heeft op de pleziervaart.
- Vaarregels en verkeerstekens voor de binnenwateren:
definities van de verschillende soorten vaartuigen,
de lichten en dagtekens,
de belangrijkste geluidsseinen,
de betekenis van de verkeerstekens,
de voorrangsregels en vaarregels,
het ligplaats nemen.
- Bebakening - het SIGNI systeem
- Gebruik van nautische documenten:
Kaart der scheepvaartwegen: algemeen gebruik, betekenis der symbolen,
diepgang, vrije hoogte, normaal peil, sluizen. Berichten aan de
Schipperij: betekenis, waar te raadplegen.
- Besturen en maneuvreren:
schroefwerking, invloed van wind en stroming, belangrijkste maneuvers
(aanleggen, vertrekken, draaien, ankeren, man over boord, ...).
- Motoren en brandpreventie
- Veiligheidsmateriaal:
reddingsmateriaal, blustoestellen en blusmiddelen.
- Bijkomende stof voor het Algemeen Stuurbrevet
- Internationaal zeeaanvaringsreglement
- Scheepvaartreglement der Beneden-Zeeschelde
- Politiereglement der Beneden-Zeeschelde
- Nautische documenten, peilingen, elementaire begrippen van de
navigatie
- Invloed van wind, stroom en getij. Beaufort schaal, stroomatlas, getijtafels.
Op het examen Beperkt Stuurbrevet worden 20 vragen gesteld, die op 60 punten
staan. U moet 60% halen, dwz. 36 op 60. Het gaat om multiple choice vragen.
Voor een goed antwoord krijgt u 3 punten, een onbeantwoorde vraag levert
0 punten op en voor een fout antwoord wordt 1 punt afgetrokken. Het is beter
niets in te vullen als u niet zeker bent.
Op het examen Algemeen Stuurbrevet worden 10 vragen, die op 30 punten staan,
meer gesteld. Op dit extra deel moet u ook 60% halen, dwz. 18 op 30.
top
Aanbevolen
lectuur
De Volledige Vaarcursus is
een uitgebreid studieboek, dat uit 2 delen bestaat.
Het omvat de volledige
examenstof.
Het behandelt leerstof die op het examen niet gevraagd wordt, maar in
de praktijk wel belangrijk is.
Het bevat 10 examenreeksen met antwoorden en het waarom.
Klik
hier om dit boek te bestellen.
Waar cursus volgen?
Er worden in heel het Nederlandstalig gedeelte van België cursussen gegeven door Altaïr Vaarschool.
Deze starten in september, november én maart.
Welk vaarbrevet op de Rijn?
Er is een onderscheid tussen 3 soorten brevetten:
- voor pleziervaartuigen < 15 meter wordt het Belgisch Algemeen Stuurbrevet
erkend door de Duitse overheid, onafhankelijk van de tonnenmaat;
- voor pleziervaartuigen > 15 meter dient men in het bezit te zijn van
een speciaal Rijnpatent;
- voor vaartuigen tussen 15 en 25 meter geldt het Sportschifferpatent
dat uitsluitend in Duitsland kan worden behaald.
top
|